Het stuitercoefficient

31 augustus 2006 door

Het is vakantie. Hoe noem je een flauw bergje van roze zandsteen? Een Dolomietje. Ik kan zelfs niet meer om mijn eigen grapjes lachen. Het leek (net als elk jaar weer) zo fantastisch. Ik kon drie weken geleden letterlijk de deur achter me dicht trekken en hoorde alle telefoons, het gejammer van collega’s en het opdringerige nasale geluid van Marga de koffiejuf met het sluiten van de liftdeuren verstommen. Het vooruitzicht op de eerste werkdag met minstens 160 mailtjes jaag ik honend uit mijn gedachte.

Met zo’n bitterzoet wee gevoel in de buik, dat ik nog herken van de 6e klas lagere school als de Grote Vakantie begon, drink ik ’s avonds een fles wijn leeg in de tuin en waan mij het eeuwige genot toe. Ik zal de oneindige bergen, strand en bossen opslurpen en mij ongegeneerd vermaken en verpozen.

“Je weet niet meer wat Het is, je herkent Het niet”

De stinkfile in het Ruhr-gebied valt mij ’s ochtends om 5 uur rauw op m’n dak. Alsof je na een natte droom wakker wordt met het beeld van Hirsi Ali in je hoofd. De haringen vergeten, het gas op en een luidruchtige Duitser naast je met een caravan van 12 meter, stellen je stressbestendigheid op de proef. Dan is het eindelijk stil ’s nachts. Je draait je om, het luchtbed kraakt als een roggelende longemfyseem-patiënt en je weet: seks zit er deze weken niet in. Gelukkig zijn er af en toe hevige onweersbuien. Voor hetzelfde gemak is het om middernacht nog 30 graden en als je eiwitten dan nog niet halfzacht gekookt zijn, dan helpt de allergische reactie van tientallen muggenbulten je wel verder. Nee, het is genieten. De bergen blijken vééls te hoog, het strand is een verzamelpunt van bloedhete kleine zandkorrels en in de bossen wacht een legioen van teken je op, die met alle liefde hun bacterie in je lijf willen ejaculeren. Maar goed, niet klagen, je bent immers vrijwillig van huis en haard verstoken om je rust te zoeken. En dan komt het: de Rust. Voor je het weet is Het er. Je weet niet meer wat Het is, je herkent Het niet. Je hebt je jas in de garderobe van het ROC laten hangen, niets ontbreekt maar toch voel je iets onbestemds. Dan herinner je het weer van die andere vakanties, Het is helemaal niet fijn. De VVV is goed om een internet-café te zoeken, wat nou Romeinse tempel, ik wil m’n mail lezen. Het vage sigarettenkioskje heeft nog een Telegraaf van 6 dagen geleden en quasi ik-kijk-alleen-maar-even lees ik even snel de koppen en het weerbericht. Ik zie aan het gezicht van het uitgewoonde verkoopstertje en aan de vetgevingerde paginarandjes dat meer Hollanders mij voor waren.

“Het is helemaal niet fijn.”

De terugreis gaat voorspoedig. Ik hoef immers niet meer naar het toilet want stokbrood, pizza’s en Rust hebben van mijn spijsverteringsorganen een stopverf-fabriek gemaakt. Als remedie nuttig ik net over de thuisgrens een medicinale maaltijd bij een AC-restaurant. Salmonella en andere stafylokokken-families maken wel korte metten met de allochtone bezetters in de bruine gang.
Eenmaal thuis voel je je een beetje verloren, maar het bitterzoete gevoel komt toch weer op.

Gelukkig hebben we de foto’s nog.


Guzzmo

1 Ster2 Sterren3 Sterren4 Sterren5 Sterren (10 stemmen) klik op de sterren om te stemmen
Loading ... Loading ...
 

1 Reactie op “Het stuitercoefficient”

  1. Kevin M schreef:

    Dankje, dat was erg vermakelijk…

Reageer